Lammetjes in de winterstal

Een nacht in januari. Overal is het donker en stil in de Westdorpse polder, maar niet in de gepotdekselde Zeeuwse schuur op het Hof van Autriche. Daar is de lamp aan en is volop leven. Nieuw leven, want er worden lammetjes geboren!

Saskia Bezemer is erbij, bij elke bevalling van haar Hampshire Down fokooien. Ook midden in de nacht of heel vroeg in de ochtend. Dat gebeurt nogal eens, dus van goed doorslapen is van half december tot begin februari geen sprake. De camera naast haar bed wordt goed in de gaten gehouden om elk kleinste teken van een beginnende bevalling op te merken. Het blijft elk jaar weer spannend, deze aflammerperiode. Gaat het allemaal zoals het moet? Wat “komt eruit”, een meest gewenst ooilam of een ramlam? Best vermoeiend, die gebroken nachten, maar wat een ervaring elke keer weer! De bevalling zelf, maar ook de voorbereidingen, de pasgeboren lammetjes helpen de speen van de uier te vinden en te zien slapen onder de rode lamp, de fles te geven en ze te zien spelen met elkaar. Geen enkel jaar, geen enkele bevalling is hetzelfde.

De fok

Er lopen zo’n vijftig ooien op het Hof van Autriche, waarvan er 35 drachtig zijn. Dat betekent vijftig à zestig nieuwe lammetjes. Best druk in de stal! Gelukkig is de schuur groot en hebben ze de ruimte. De schapen komen een kleine twee weken voor het aflammeren naar binnen en in april mogen ze naar buiten. Het grootste deel van het jaar lopen ze rond de boerderij in de weides, de ooien apart van de rammen. De paar rammen die er lopen zijn voor de fok. Fokken is een vak apart, je moet er feeling voor hebben en dan is het nog afwachten. Zoals Saskia ooit hoorde van een fokker: “Fokken is een beetje geluk en een beetje wijsheid”. Dat beaamt ze volledig. “Je kunt een hartstikke mooie ram hebben, maar dat wil nog niet zeggen dat hij het juiste doorgeeft. En dan is het ook de vraag of de combinatie met de ooi klopt”, legt ze uit. Saskia heeft er, om het met haar eigen woorden te zeggen, liefhebberij in om het perfecte schaap te fokken. “Ik ben echt een fokker. Dat is wel echt een passie.” Fokken gebeurt naar de richtlijnen en gezondheidsprogramma’s van het stamboek van de Hampshire Downs. Saskia gaat al sinds 2007 een of twee keer per jaar naar keuringen. “Wij wonen hier in een uithoek dus het is wel nodig. Mensen moeten weten wat ze kopen. Het is wel een hoop werk hoor, de schapen moeten ervoor klaargemaakt worden, je moet ernaartoe en het is altijd ver weg.” Het is het waard, want Saskia’s schapen vallen altijd in de prijzen.

Foto: Henk Riswick/vakblad Het Schaap

Saskia’s ooien zijn door acht verschillende rammen gedekt. Vier rammen zijn Engelse toprammen. Voor de dekkingen van deze rammen heeft Saskia kunstmatige inseminatie toegepast, wat in Engeland heel gebruikelijk is. De ramlammeren die hieruit voortkomen houdt ze aan. “Nieuw bloed, dat is goed voor de foklijn.” Om de kosten van de schapenfokkerij te dekken worden lammeren die Saskia niet in wil zetten voor de fok verkocht aan andere fokkers en mensen die voor de hobby schapen houden, of ze gaan naar de slacht voor het vlees, uitsluitend voor particulieren. De lammeren van dit ras groeien enorm snel. Worden ze in de winter geboren, dan is ze vroeg op de markt. De winter is voor Saskia ook de beste tijd omdat hun boerderijcamping dan gesloten is.

Schapen fokken in Zeeuws-Vlaanderen

Hoe komt een Brabantse landbouweconoom die een goede baan had in Wageningen erbij om schapen te gaan fokken in Zeeuws-Vlaanderen? “Wij hadden paarden, en voor de paardenwei zijn een paar schapen heel nuttig. Die paar waren er al heel snel twintig. Wij wilden graag zelf iets gaan ondernemen maar hadden geen uitbreidingsmogelijkheden in Brabant. Zo zijn we hier terechtgekomen en hebben we de schapenfokkerij en de boerderijcamping opgestart. Als Brabander in Zeeuws-Vlaanderen, dat bourgondische past goed bij elkaar. Ik heb de deur daar dichtgetrokken en nooit spijt gehad.”

 

Gepubliceerd in Via Vivo Magazine, editie 23